Ik loop in de stad mijn dagelijkse rondje en krijg last van een volle blaas.
Dat kan bij mij snel een hevige drang opleveren, dus ik loop direct het dichtstbijzijnde openbare gebouw in Breda binnen om daar even te plassen.
Op de deur van de toiletruimte is een briefje geplakt. Ik lees “Deze toilet wordt schoongemaakt …” en lees niet verder omdat ik aanneem dat er verder in het briefje aangedrongen wordt op het netjes houden van de toiletten of dat er een storing op wordt gemeld.
Bij hij binnenstappen stormt er direct een struise dame op me af, met haar hand opgestoken zoals een agent dat doet bij een stopverbod.
‘Ik heb een briefje op de deur gehangen dat er geen gebruik van de toiletten gemaakt mag worden.’
‘Sorry’, zeg ik, ‘dat heb ik dan niet goed gelezen, maar mag ik alstublieft toch even plassen?’
‘Kom over 10 minuten maar terug dan is alles klaar, er hangt niet voor niets een briefje!’, zegt ze met enige stemverheffing.
‘Mag ik u dan straks mijn broeken aanbieden om te wassen?’, vraag ik en beetje plagend terwijl ik moeite moet doen om mijn plas op te houden.
‘Niks mee te maken, er hangt een briefje op de deur!’
Dat laatste vind ik geen logisch antwoord op mijn hoge nood. Ik zie dat de hangende pisbakken al zijn schoongemaakt en besluit die de gebruiken.
Mevrouw is immers verderop bezig in de vijf toiletten met een deur.
Briesend en smijtend met de toiletdeuren, gaat de mevrouw hardop scheldend op mij en nog een tweede mijnheer die binnen is gekomen, woedend door met haar werk daarbij roepend dat we weinig respect tonen door in haar aanwezigheid zomaar “te gaan staan zeiken … krijg ze maar thuis … dit is niet normaal meer… ze kijken nergens naar …
Zo gaat ze nog even door waarbij haar taalgebruik steeds groffer wordt.
Voordat het echt ordinair wordt zijn mijn medelotgenoot en ik klaar met plassen.
Ik bedank haar uitgebreid voor de vriendelijke ontvangst en en zeg te hopen dat we haar niet te veel in de weg hebben gelopen.
Terwijl zij de laatste toiletdeur met een vloek dichtgooit gaan mijn medeplasser en ik opgelucht naar buiten.
We zijn gered van de mevrouw en onze plas!
De boze toiletjuffrouw
Deel het bericht

